Btw afdragen ja of nee?
1 oktober 2012

Btw afdragen ja of nee?

Uw organisatie kan als ondernemer voor de omzetbelasting (btw) worden aangemerkt. Wanneer is dit het geval en welke vrijstellingen gelden er?

Btw afdragen en aftrekken

Voor de btw wordt als ondernemer aangemerkt:
  • Ieder die geheel zelfstandig, dus niet in loondienst, een bedrijf of beroep uitoefent.
  • Personen die duurzaam een zaak, zoals bijvoorbeeld een pand (een clubgebouw) of een stuk grond (een sportveld) exploiteren.
Vooral verenigingen moeten dus rekenen op het betalen van btw. Bij stichtingen kan het genuanceerder liggen. De Belastingdienst bepaalt aan de hand van uw situatie of u wel of niet btw-plichtig bent. Hiervoor gelden overigens andere voorwaarden dan aan het ondernemerschap voor de inkomstenbelasting.
 
Is er sprake van ondernemerschap dan moet uw organisatie btw afdragen over de diensten die u verricht of de goederen die u verkoopt. Het kan ook een voordeel zijn, als u btw afdraagt mag u het ook aftrekken van de goederen en diensten die u afneemt.
 
Het kan zijn dat u alleen voor bepaalde goederen of diensten die u verleent btw-plichtig bent, denk bijvoorbeeld aan:
  • Sponsoring
  • Een evenement dat u organiseert
  • Uitgaven van uw organisatie zoals handboeken en tijdschriften
U hoeft dan alleen btw af te dragen over dat bepaalde onderdeel en niet over het totale aantal goederen en diensten. Let op! In dat geval mag u ook alleen btw aftrekken van de producten en diensten die u voor dat onderdeel aanschaft.

Vrijstellingen
Uw organisatie hoeft niet altijd met de btw te maken te krijgen. Voor een aantal leveringen en diensten (prestaties) geldt een vrijstelling. Dit betekent dat over deze prestaties geen btw in rekening hoeft te worden gebracht én dat ook geen aftrek of teruggaaf mogelijk is.
Sportvereniging Diensten door sportverenigingen aan hun leden zijn vrijgesteld. Omdat een stichting geen leden heeft, geldt deze vrijstelling alleen voor verenigingen. Voor stichtingen gelden de gewone regels. Voorwaarde voor deze vrijstelling is dat er geen winst wordt beoogd door de vereniging.
Maakt uw organisatie wel winst, dan is dit geen probleem als deze maar wordt gebruikt voor de (hoofd)activiteiten van de vereniging. Oftewel het beoefenen van sport en/of het bevorderen ervan. Deze hoofdactiviteiten van de sportvereniging zijn vrijgesteld van btw.
Voor nevenactiviteiten, die zijn bedoeld voor extra financiële steun, geldt een speciale regeling. Ook de nevenactiviteiten zijn vrijgesteld als de ontvangsten de volgende grenzen niet overschrijden:
  • Voor levering van goederen (bijvoorbeeld de verkoop van clubmaterialen, glazen, speldjes) is de grens € 68.067.
  • Voor diensten (bijvoorbeeld entreegelden, sponsorgelden, opbrengsten uit reclameborden, shirtreclame) is de grens € 31.765.
  • Komt u over de grens, dan wordt over het hele bedrag een naheffing geheven en niet alleen over het overschreden bedrag.
  • De grensbedragen gelden per categorie. Levert de vereniging voor meer dan € 68.067 goederen, maar zijn de opbrengsten van diensten lager dan € 31.765, dan is alleen de levering van goederen in zijn geheel belast en blijven de diensten vrijgesteld.
Sociale en culturele diensten Ook kan uw organisatie een vrijstelling krijgen voor de levering en het verlenen van diensten op het sociale en culturele vlak. Er zijn twee voorwaarden aan verbonden:
  • De organisatie mag geen winst beogen.
  • De vrijstelling mag niet meebrengen dat de concurrentieverhoudingen worden verstoord.
Deze laatste eis geeft in de praktijk veel moeilijkheden. Om die reden wijst het Ministerie van Financiën de vrijgestelde prestaties aan. Voor nevenactiviteiten gelden dezelfde mogelijkheden als bij sportverenigingen, met de uitzondering dat de grens voor diensten is beperkt tot € 22.689, in plaats van € 31.765.
Kinderopvang valt ook onder de vrijstelling van sociaal-culturele prestaties, met de uitzondering dat daarbij wel winst mag worden beoogd.

Overzicht sociaal-culturele instellingen die zijn vrijgesteld »

Overige vrijstellingen
  • Inkomsten uit toto- en lottoactiviteiten en de opbrengst van de Grote Clubactie.
  • Het verzorgen en verplegen van in een inrichting opgenomen personen en het verstrekken van spijzen en dranken, genees- en verbandmiddelen aan die personen. Deze vrijstelling geldt alleen indien geen winst wordt beoogd.
  • Diensten door van overheidswege erkende organisatie voor algemeen jeugdwerk.
  • Diensten door werkgevers- en werknemersorganisaties, politieke en dergelijke organisaties aan de leden tegen een contributie en er geen winst wordt beoogd.
  • Het wettelijk geregeld en het aangewezen onderwijs.
De vrijstelling voor nevenactiviteiten ter verkrijging van extra financiële steun geldt ook hier tot de grens van € 68.067 en € 22.689.

Misschien heeft u wel eens gehoord van de kleine ondernemersregeling. Deze regeling bepaalt dat kleine organisaties die per jaar minder dan € 1.884,- aan btw afdragen, een ontheffing kunnen krijgen. Dit geldt echter alleen voor natuurlijke rechtspersonen. Verenigingen, stichtingen en bv's vallen helaas buiten de boot.

Speciale regeling kantines
Veel verenigingen hebben een kantine of een bar, wat zou kunnen leiden tot btw-plicht. Omdat het hier vaak om kleine bedragen gaat, heeft de fiscus een bijzondere regeling getroffen.
Die regeling stelt dat kantines niet worden belast, mits ze aan de volgende voorwaarden voldoen:
  • De kantineomzet bedraagt niet meer dan € 68.067 per jaar.
  • De kantine-exploitatie vormt een nevenactiviteit.
  • Openstelling van de kantine vindt in beginsel slechts plaats in rechtstreeks verband met de activiteiten van de vereniging.
  • De kantine mag onder voorwaarden maximaal 12 dagen per jaar worden opengesteld bij sportieve activiteiten van derden. 
  • Noch de kantine, noch de daartoe behorende inventaris wordt al dan niet tegen vergoeding beschikbaar gesteld aan derden.
  • Het exploitatieresultaat wordt uitsluitend aangewend ten behoeve van de primaire activiteit van de vereniging.
Treedt de kantine in concurrentie met andere horecaondernemingen door bruiloften en partijen mogelijk te maken dan kunnen er wel problemen ontstaan.
Voor wie? Alle verenigingen en stichtingen met een kantine zoals de sportvereniging, buurtvereniging, dorpshuis etcetera.

Welke btw-tarieven gelden er?
Bij goederen en diensten is sprake van twee btw-tarieven 21% (hoog) en 6% (laag). Onder de 6% vallen onder meer water, voedingsmiddelen en dranken (m.u.v. alcoholische dranken). Alle goederen die hier niet onder vallen, zijn belast met 21%. Qua diensten is de 6% regeling wat uitgebreider, onder meer het geven van gelegenheid tot sport beoefenen.
Er bestaat ook nog een 0% tarief, waar u in de praktijk waarschijnlijk weinig mee van doen zal hebben. Dit tarief is vooral van belang voor de in- en uitvoer van goederen en diensten tussen EU-landen.
Kijk op de website van de Belastingdienst voor de tarieven.
 
Belastingdienst
Als u een vereniging of stichting opricht moet dit worden aangemeld bij de Belastingdienst. Dit om te beoordelen voor welke belastingen u als rechtpersoon belastingplichtig bent. Als u zich inschrijft bij de Kamer van Koophandel hoeft u zich niet apart bij de Belastingdienst aan te melden, de KvK geeft uw gegevens door. Met de opgaaf startende rechtspersoon meldt u zich aan bij de Belastingdienst als u niet bij de KvK bent ingeschreven.
Daarbij wordt dan ook bepaald of u btw-plichtig bent. Maar het kan natuurlijk zijn dat u niet bent ingeschreven, of andere activiteiten gaat ontplooien die invloed kunnen hebben op uw btw-plicht of vrijstelling. Neemt u dan contact op met de BelastingTelefoon 0800-0543 om uw situatie te toetsen, zodat u niet voor onverwachte naheffingen komt te staan.
 
Met dank aan: Drs. Gerard A.M.A. van Wijngaarden, belastingadviseur
1
0

Deze website maakt gebruik van cookies. Door het gebruik van deze website geef je toestemming voor het gebruiken van cookies.

/privacy-statement
Meer informatie
Ja, ik geef toestemming